Wet Gelijke Behandeling (WGB)
De Wet Gelijke Behandeling is op 1 december 2003 in werking getreden. Het algemene discriminatieverbod dat in Nederland gelds, is in deze wet uitgewerkt voor chronisch zieken en gehandicapten.Het algemene verbod is voor conrete situaties namelijk vaak te vaag. Op een aantal gebeieden is nu vastgelegd wat de verplichtingen zijn om discriminatie in de praktijk ook daadwerkelijk tegen te gaan. De wet verbeterert hiermee de rechtspositie van mensen met een handicap of chronische ziekte. De gebieden zijn: werk, het beroepsonderwijs en in het openbaar vervoer. Het is de bedoeling dat de wet in de toekomst op meerdere terreinen gaat gelden. Alle vormen van lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking vallen onder deze wet.
Werk
Beroepsonderwijs
Overig
Klachten
Werk
Bij werving en selectie of tijdens een sollicitatiegesprek, mag geen onderscheidt gemaakt worden op basis van een
handicap of chronische ziekte. Dat geldt tot en met het ontslag. Dus ook bij arbeidsvoorwaarden, promotie en scholing
is het verboden om onterecht onderscheidt te maken. De werkgever mag wel onderscheidt maken wanneer er door iemands
beperkingen een risico ontstaan voor zichzelf of voor zijn omgeving.
De regels:
- De werkgever is verplicht om te zorgen voor een doeltreffende aanpassing zodat iemand met een beperking beter zijn
werk kan doen.
- Aanpassingen kunnen materieel van aard zijn, zoals een andere bureaustoel, maar ook immaterieel zoals een afspraak
over aangepaste werktijden.
- De werkgever hoeft niet voor een aanpassing te zorgen als die onevenredig is. Dat is afhankelijk van de grootte van
de organisatie, financiële tegemoetkoming, noodzakelijke investering en de ondernemingswinst.
Beroepsonderwijs
De wet geldt ook voor mbo-, hbo- en universitaire opleidingen (dus niet voor het basis- en het middelbaar onderwijs).
In het beroepsonderwijs geldt de regel dat het verboden is direct onderscheidt te maken omdat iemand een handicap of
chronische ziekte heeft. Tevens moet de school voor een doeltreffende aanpassing zorgen. Ook moet iedereen voorlichting
krijgen over beroepskeuze, ongeacht de beperking.
De regels:
- Studenten of leerlingen kunnen aan de instelling vragen of deze rekening houdt met hun beperkingen. Het gebouw dient
toegankelijk te zijn en er kan extra examentijd worden aangevraagd.
- De instelling is ook verplicht rekening te houden met extra studiebegeleiding of de mogelijkheid een toets op een
aangepaste manier af te leggen.
- Als de aanpassingen voor een school redelijk zijn uit te voeren, dan is de opleiding verplicht dat te doen.
Overig
Ook het openbaar vervoer wordt toegankelijk voor mensen met een handicap of chronische ziekte. Alleen duurt dat nog
lang. Bussen moeten in 2010 en treinen in 2030 toegankelijk zijn. Arbeid en beroepsonderwijs zijn de eerste punten die
aangepakt worden door de wet. Deze wet wordt verder uitgebouwd met terreinen als wonen, stedelijke ruimte, goederen en
diensten.
Klachten
Wat moet je doen als er wél onderscheidt wordt gemaakt?
- Als er sprake is van onterecht onderscheid omdat iemand een handicap of chronische ziekte heeft, dan is het
verstandig de werkgever of school te wijzen op de bestaande wet. Zorg ervoor dat je weet wat de mogelijkheden zijn van
aanpassingen. Voor aanpassingen zijn vaak subsidies beschikbaar.
- Is er na een gesprek geen uitzicht op verbetering, neem dan contact op met een belangenorganisatie.
Met een klacht kun je kosteloos terecht bij de Commissie Gelijke Behandeling. Deze commissie geeft voorlichting over de
wet en de klachtenprocedure. Een klacht kun je melden bij het meldpunt non-discriminatie van de CG-raad
(030-293.32.34). Zie voor meer informatie:
www.cg-raad.nl
www.gelijkisgelijk.nl
www.handicap-studie.nl