Onlangs heb ik een stedentrip gemaakt naar Berlijn, met Erik. Erik is wat je noemt mijn 'lief', en dan niet zomaar een
lief, nee: een spliksplinternieuwe. Hij is dol op me en ik op hem, maar het is toch wel even spannend of zo'n heel
weekend zonder extra ADL-assistentie goed zal uitpakken. Na zo'n weekend hoop je toch een beetje zicht te hebben op de
toekomstperspectieven van je relatie.
Gelukkig bleek Erik een man met ruggengraat. De 40 kilo deden hem weinig en bovendien waren we beiden zo inventief dat
we de omstandigheden ideaal maakten. Zo verplaatsten we het bureau op wieltjes tot vlak voor de badkamer, zodat hij mij
daarop kon leggen voor het afdrogen en aankleden. In musea waren rolstoeltoiletten aanwezig, waar we dan een uit de bar
geleende tafel neerzetten om mij op te leggen. Dit was Erik nooit te veel, al hield ik er toch wel enigszins rekening
mee met drinken; ik vond eens per dag moeilijk doen met tafels wel genoeg.
Het openbaar vervoer in Berlijn is erg geschikt voor rolstoelgebruikers. Door de hele stad rijden metro's en bussen die
aangepast zijn voor rolstoelen. Op de openbaar vervoerskaart, die je op elk metrostation kan krijgen, staat aangegeven
welke stations toegankelijk zijn. De instap bij de metro is meestal op gelijke hoogte met het perron, maar als de
drempel te hoog is, kun je aan de chauffeur vragen om een plank uit te leggen. Als er station niet toegankelijk is, is
het een kleine moeite om een halte verder uit te stappen en een stukje te rijden; de stations liggen vlak bij
elkaar.
Zo hebben wij in drie dagen heel Berlijn gezien, en zijn we tot de conclusie gekomen dat we heel snel weer een korte
vakantie willen plannen. Het gegeven dat ik gedurende drie dagen eigenlijk volledig afhankelijk was van zijn hulp, is
geen obstakel gebleken voor onze relatie, zoals dat in het verleden wel vaak het geval is geweest. Dit is een enorme
opluchting voor mij. Erik mag blijven, en Hann gelukkig ook.
Tekst geplaatst/gewijzigd op: 04-05-2006